Ster tussen de sterren

Zoekveld

Ster tussen de sterren
11
dec

“En hij zag dat het goed was!” Met die woorden begroette voorzitter Alain mij, toen hij mij op 10 december bovenaan de tribune zag zitten, terwijl ik de geordende chaos aanschouwde die zich afspeelde op en tussen de kleurvakken, de lijnen en de curves van de Topsporthal in Gent. Ja, daar waren wij het over eens. Deze KAAG-organisatie liep als een... atletiekclub.

Bovendien was het mooi en boeiend. Ik zag een leerschool met grote intensiteit, met vakken als lichaamsdynamica, mindfulnessconcentratie en sociale tactiek. Ik zag het werk van trainers en coaches, die van jonge, springerige benjamins op enkele jaren tijd miniemen weten te vormen die technische hoogstandjes en stijlvolle bewegingen tot de hunne kunnen maken. Ik zag dat de jongsten nog niet door hadden dat fosbury in feite betekent: 'strelen met de rug'. Ik zag moederlijke officials er op wijzen dat de kortste 60 meter ligt tussen twee strakke baanlijnen, die je best niet overschrijdt. Ik zag een clubfamilie, verspreid over alle logistieke posten, als beren broodjes smeren en andere nuttige taken vervullen. Inderdaad, ik zag dat het goed was.

Het was leuk ook. Leuk om zien hoe een blauwwitte pupil na 60 meter met een halve centimeter geklopt werd, maar zich onmiddellijk naar het scorebord draaide en riep: “Hé, papa, 9.64!”. Dat scorebord, dat zonder complimenten, snel en strak, alle prestaties spiegelde. Dat scorebord leerde mij ook haar naam: 'Arwen Praet'. Ik probeerde hem te onthouden.

Ik zag iemand die zich Mel laat noemen en als mama door de knieën ging om een phonefoto te maken van haar kindeke Siebe. Siebe gaf haar zelfs twee keer de kans, een keer met een bronzen en nog een keer met een zilveren medaille. Mama weet dat het bijna gedaan is bij de 'kleintjes'. Volgend jaar wordt hij ingelijfd bij de halfgrote jongens. Dus snel nog even deze koestermomenten.

Leuk om zien hoe een paar clubgenoten jongenspupillen mekaar in het hoogspringen letterlijk tot hogere hoogtes stuwden. Tot...? Tot er nog ééntje overbleef. Die in het midden van de arena het gevecht aanging met lat en zwaartekracht. Alleen. Helemaal alleen. Die dan keer op keer hoger ging. Die zijn diepste vreugdekreet slaakte bij 1meter 44. Xander was de naam. Voor mij een beetje de ster van de namiddag.

Maar er waren meerdere blinkertjes die middag. Als je een clubsupporter bent zijn dat in de eerste plaats al diegenen die het 'juiste' shirt dragen. In mijn geval dus de witte parallellen op de donkerblauwe achtergrond. Zij streden allen samen voor 36 meisjesmedailles en 36 jongensmedailles. Het moet gezegd, de meisjes lieten het ogenschijnlijk een beetje afweten: 3 medailles op 36, goed, daar schrijf ik wel even over naar huis, maar we moeten toch rekening houden met een sterke (zelfs internationale) bezetting. De jongens op hun beurt scoorden beter: zij wonnen er 9. Dus per vier medailles was er eentje voor een buffalomannetje.

 

Even per categorie bekeken. Door de benjamins zagen we één medaille in de kerstboom hangen. Het was Sten Coene die daar voor zorgde met een kogelstoot van 7m83: zilveren medaille.

 

Bij de miniemen in totaal vier medailles, waarvan de helft alleen al door de hoger genoemde Siebe Hauttekeete werd gegaard. Op de 60m vlak klokte hij als derde in 8.58 en op de 60m horden als tweede in 10.12. Hij was nog het meest zenuwachtig om te horen welke medaille hij nu het eerst zou moeten halen. Ma en pa content natuurlijk.

Bij de miniemen meisjes zweefde Yelena Boone over 60m horden in 10.29 en werd daarmee knap derde. In het kogelstoten was Jill Gindertaelle goed voor 11m08. Niemand deed beter, of wat dacht je!

 

De pupillen zorgden voor de sterkste KAAG-presatie als collectief: niet minder dan 7 medailles waren hun verdienste. Finn Coene kleurde mee de boeiende hoogspringwedstrijd en was met 1m28 goed voor de derde plaats.

Wat Sem Serrano in het veldlopen nog niet was gelukt, dwong hij nu wel af met een fantastische eindsprint in de 1000m. Hij kreeg daarvoor de bronzen medaille.
Op de korte afstand dan weer, 60m vlak, was onze Camille Sonneville de allerbeste. Ze deed er maar een zucht van 8 seconden en 70 hondersten over.

En wat dan gezegd van Alexander Barbio op de reeds vernoemde 1000m? Daar heb je wel wat meer tijd, om in de wedstrijd zelf, je benen te voelen en je hersens te gebruiken. Dat deed Alexander super goed. Na een steekspel van 700m aanvallen en verdedigen, zette hij zich op 300m van het einde resoluut aan de leiding, om finaal in de laatste ronde zijn laatste tegenstander te versmachten. Ongemeen knappe wedstrijd.

Ik heb Xander De Muynck al genoemd. Voor mij een beetje de ster tussen de sterren. Wat freel ogend, maar ongemeen vinnig in zijn bewegingen, zoefde hij in 11.60 over 60m horden, wat al goed was voor een zilveren plak. Evengoed ging het hem af op de 60m vlak: 8.99 was ook een zilveren medaille waard. Tussendoor wist hij dan nog die fenomenale hoogspringmatch te winnen, die we hoger reeds beschreven. In ware Nafi Thiam-stijl.

Het mag als slot nog eens gezegd worden: “Dat het goed was!”

 

ADD

 

Op de foto (RC): het podium van het hoogspringen pupillen jongens met Xander De Muynck en Finn Coene.

 

De volledige uitslagen, met alle namen en prestatie van onze atleten, vind je  elders op deze site.