Dromen van atletiek

***   Gent 10 mei 2020   ***

Velen onder ons hebben de coronatijd gebruikt om na te denken. En creatief te dromen over wat voorheen goed was, over wat zou mogen hersteld of hernomen worden en zelfs over wat nieuw en beter zou kunnen. Op zoek naar het nieuwe en het betere normaal dus.

Zo dacht ik na hoe het nieuwe en betere normaal van een atletiekclub als KAAG er zou kunnen uitzien. Maar allicht ben ik niet de enige. Ik ben er zeker van dat iedere lezer iets aan mijn dromerij zal kunnen toevoegen.

Over eilandjes, silo’s en bubbels.

Toen we een dik jaar geleden via Clubgrade een klein onderzoek deden, werd gewezen op het bestaan van subgroepen in onze grote club. Het fenomeen kreeg een negatieve waardering mee, want die subgroepen werden ‘eilandjes’ genoemd. Eilandjes die eerder van elkaar leken weg te drijven dan dat ze met mekaar te maken hadden en tot een zelfde archipel behoorden. Dit werd zowel door jong als oud ervaren. Vandaag zouden we ze misschien silo’s of bubbels noemen, maar evengoed nog altijd aanwijzen als een pijnpunt.

Nu dacht ik: “Als we van dit pijnpunt eens een groeipunt zouden maken?” In feite is het zeer begrijpelijk dat leden van de club verschillende verwachtingen hebben. Recreanten willen graag iets anders dan fervente polstokspringers. Jongeren verwachten van de club iets anders dan de masters. De subgroep van de vrijwilligers focust op net iets anders dan de groep van de juryleden. Dat leden met gelijkaardige verwachtingen mekaar zoeken en vinden is ook zeer normaal. Diversiteit is nog altijd een duurzaam begrip heden ten dage. Laat die subgroepen dus maar bestaan. Laten we ze niet bekampen of al te strak vergelijken. Laten we ze helpen om te groeien en te bloeien. Laten we ze een naam en een ‘smoel’ geven.

Concreet:

  • We maken dat elke groep een ‘antenne’ heeft. In een trainingsgroep is dat evident de trainer. Maar daarnaast kunnen een of zelfs twee atleten ook die rol vervullen. 
  • Die antennes moeten bij het bestuur van de club goed bekend zijn.
  • We geven de groep via TWIZZIT een gemakkelijk communicatiemiddel mee voor contact en infostroom tussen de leden.
  • We maken drie tot vier keer per jaar letterlijk een mooie groepsfoto met alle leden van de groep (zodat elk lid wel eens op de foto staat!)
  • We zorgen voor kleine reportages of een anekdotisch verhalen (op de clubwebsite) over het wedervaren van die groep, een tweetal keer per jaar.

Dezelfde gedachte durf ik doortrekken naar het niveau van de onderafdelingen (of nevenafdelingen zoals we ze vandaag graag noemen). Zo’n afdeling is niet hetzelfde als een trainingsgroep. Maar ook hier zouden we de onderlinge sfeer, die niet altijd bol staat van respect en vertrouwen, kunnen omdraaien in een positieve aandacht. Ook voor de afdelingen geldt: als die bloeien en groeien komt dat ten goede aan de hele club.

Concreet:

  • We maken de relatie van elke onderafdeling met het het centrale clubbeheer gelijk of minstens gelijkaardig. Momenteel is via een actief clubgrade-spoor een verkenning in die zin bezig. Ik hoop van harte dat dit met succes wordt afgerond.
  • We zorgen er voor dat alle leden die via een afdeling lid worden van een KAAG op een gelijkwaardige manier worden opgenomen in de club.
  • We geven elke afdeling een vruchtbare autonomie van werken en brengen via de centrale communicatie (Website, Facebook en ook Twizzit) een positief en stimulerend verhaal daar over.

Over samen één.

Naast deze mooie intentie om diversiteit in aanbod en verwachtingen een (h)eerlijke kans te geven staan we misschien niet genoeg stil bij het feit dat we met zijn allen in onze club (een kleine duizend mensen, en als we sympathisanten en supporters meetellen, veel méér!) achter één logo staan. Dat van de Buffalo’s. Waarom heeft ieder van ons ooit die keuze gemaakt? Uit puur gemak omdat het de meest nabije club is? Of omdat het de oudste is van het land? Of uit (familie)-traditie? Of toch omdat het de beste is? 

De club zelf moet er ook voor zorgen dat die clubkeuze een bevestigend antwoord genereert. Liefst meerdere antwoorden zelfs. Ook hierover heb ik een beetje coronadenkwerk gemaakt. Ik wil er openlijk deze kanttekening bij maken, dat ik van mijn laatste voorstel (zie hieronder) iets minder zeker ben dat het door iedereen zal gedeeld worden. Maar ‘social distancing’ herinnerde mij er aan dat ik een ongelooflijke fan ben van ‘social athletism’ Ik heb atletiek (op mijn veertiende maakte ik er kennis mee) altijd graag beleefd als een groepssport, eerder dan het louter nastreven van individuele prestaties. Maar goed, elk zijn idee daar over!
Mijn resultaatmandje is zeker nog door jou aan te vullen.

Concreet:

  • We zetten elke activitet die in de club bedacht en gepland wordt (via de genoemde groepen van hierboven) in één centrale kalender. Samen kijken naar deze kalender zet de neuzekes in dezelfde richting, zoals we in Gent graag zeggen. TWIZZIT is hiertoe alweer een mogelijk instrument.
  • Achteraf ‘vertellen’ we iets over al die activiteit. De laatste jaren waren we met Facebook en onze eigen website wel behoorlijk op weg om dat waar te maken. Maar alles kan beter en vollediger.
  • We volgen onze ‘topatleten’ in hun prestaties en ambities. Verslagen, interviews, foto’s en video’s houden hen in beeld, als uitstraling van de club en als voorbeeld voor alle leden.
  • We bieden TWIZZIT aan aan alle leden als een gemeenschappelijk communicatie-instrument, waarmee handig kan gewerkt worden binnen de club, met respect voor alle privacy.
  • We stellen onze ‘eerste ploeg’ (dames en heren) samen, zoals we die maken voor de jaarlijkse interclubcompetitie. We houden dat team gans het jaar door in de aandacht en volgen op wie zich met nieuwe persoonlijke prestaties in de ploeg weet te werken. Onze website is advertentieplek bij uitstek voor dit verhaal.

Graag krijg ik jullie kritieken, bedenkingen, aanvullingen, eigen ideeën in mijn inbox: andre.dedecker@telenet.be