Dankbaar

***   Gent, 30 mei 2021   ***

Met grote verslagenheid en droefheid vernemen wij dat gisterennacht 29 mei 2021 onze Ere-voorzitter, Etienne Staelens, is overleden. Meerdere generaties Buffalo’s hebben Etienne gekend als een gedreven atleet, trainer, bestuurder en voorzitter. Met veel respect en warme herinneringen zullen velen aan hem terugdenken. De sportgemeenschap KAAG betuigt zijn diepste medeleven aan de familie Staelens en zijn dichte vrienden.

Hieronder een persbericht van Frank De Cloet.  Vervolgens lees je een in memoriam van Johan De Vos.

 

Etienne Staelens, erevoorzitter KAAGent-Atletiek (93), overleden
Op 29 mei is Etienne Staelens overleden. Etienne was een begrip in de Gentse sportwereld. Meer dan zeventig jaar lang drukte hij zijn stempel op het reilen en zeilen van de club. 
Eerst als atleet die samen met Bert Cauwels, Daniël Janssens en Albert Lowagie vanaf 1951 drie keer Belgisch kampioen werd op de 4 x 800m. Hij stond ook aan de wieg van de professionalisering van de trainingen bij de Buffalo’s. Zo ging hij een trainerscursus volgen bij NILOS, de voorloper van BLOSO. Hij werd lesgever in de trainersschool en zetelde ook in de technische commissie van de Koninklijke Belgische Atletiekbond. 
Etienne Staelens heeft verschillende generaties lopers onder zijn hoede gehad, waarvan een paar het internationale niveau haalden, zoals tienkamper Régis Ghesquière en 400 meter loper Gaby De Geyter. Daarna werd hij bestuurslid en ook voorzitter van de club. Zijn carrière sloot hij af met de titel van erevoorzitter. Etienne laat zijn echtgenote Jacqueline en vijf kinderen na.
Frank De Cloet

 

Dankbaar 

Het mooiste boekje dat ik ooit schreef is mijn allereerste: Kroniekjes in Blauw-Wit. Zo eenvoudig uitgegeven, met in het midden twee nietjes. Het boekje kwam er door toedoen van onze toenmalige voorzitter Etienne Staelens die erin schreef dat het boekje uiteraard zeer gewaardeerd zou worden door  KAAG-atleten en bekenden uit de jaren 1960-1980. Maar nog mooier is wat Etienne verder in het voorwoord schreef: ‘Wat kan nostalgie toch mooi zijn! Ik zie Johan nog altijd binnenkomen op het grote “Gantoiseterrein” aan de hand van zijn vader, zeer zenuwachtig en ongerust. Wat ging er met hem gebeuren?’

De KAAG-atleten en bekenden uit de jaren 1960-1980 … Ondertussen zijn we alweer zoveel jaren verder. En ken ik Etienne al meer dan een halve eeuw. Eerst als de man met de blauwwit gebreide muts met wie ik de ontmoeting in hetzelfde boekje als volgt beschreef:

‘Het moet een vroege dag in de lente zijn geweest toen ik, dertienjarige knaap, aan de hand van mijn vader het Gantoisestadion binnenstapte. Het plein was een ontzettend weidse vlakte, gehuld in nevel, waar een zondagse ochtendzon zwakjes doorheen probeerde te schijnen. Verder was het stadion verlaten. Behalve één man. Hij had een blauwwit gebreide muts op, gaf mij een hand en stelde zichzelf voor als Etienne. Etienne zei dat alle jongens naar een interclubwedstrijd waren en dat wij na elke training moesten douchen. Ik had nog nooit een volwassen iemand bij de voornaam genoemd. Laat staan met andere jongens onder één douche gestaan. Het was een tijd dat in Vlaanderen op zondagmorgen zowat iedereen nog naar de kerk ging. Maar ik was vastbesloten: lopen op zondagochtend zou mijn religie worden. Deze jongens mijn bloedbroeders.’

Vele jaren later vertelde een oudere atleet mij dat Etienne, toen hij in Gent studeerde, als een vader voor hem was geweest. Hij zal zeker niet de enige geweest zijn. Toen ik samen met een andere jonge atleet stond te liften aan de grensovergang met Frankrijk, passeerde ons een blauwe Mercedes. De chauffeur, Etienne, stopte, vroeg of we onze blauwwitte training bij ons hadden, waarop we antwoordden dat we die gebruikten om mee te slapen, en zette ons af aan de Mont-Saint-Michel. Onderweg aten we samen een broodje. ‘Hoeveel geld heb je Johan,’ vroeg Etienne toen we op stage waren in Vittel. Waarop hij enkele briefjes Franse Franc nam en de rest zelf betaalde.

Hoeveel keren liep Etienne niet met ons mee over de Scheldebrug, die ons afwisselend het getij liet zien, naar de Heusdense Zandbergen. Hier leerden wij lopen en afzien! Etienne die met de chrono in de hand aftelde naar de aankomst: ‘Eenenzestig, tweeënzestig, …’ Etienne die ons op zaterdagnamiddag meenam naar de Wachtebeekse bossen. En ons daar – aan de rand van de camping tussen witte caravans – opwachtte wanneer wij uit de dennendreven kwamen gehold. Etienne die op de Belgische kampioenschappen in de bocht stond om van elke atleet de tijd op te nemen. 

Wat een ongelooflijk charisma en optimisme straalde Etienne uit! En wat was hij er fier op dat hij zoveel Belgische kampioenen op de horden had weten op te leiden op wat hij een patattenveld noemde. Fier op zijn internationale atleten ook. Op Régis Ghesquière, op Gaby De Geyter. Maar niemand, geen enkele van zijn atleten had het gevoel minder te zijn dan een ander. Etienne vond iedereen belangrijk. Omdat hij in de jongeren die hij als trainer en later als voorzitter van onze club begeleidde in de eerste plaats de mens zag. En dus zal het ook omgekeerd waar zijn geweest. Niet alleen was Etienne voor zovelen onder ons een vaderfiguur. Hij zag zijn taak veel verder gaan dan training te geven. Het was bouwen aan onze persoonlijkheid vanuit wat hij in het voorwoord van Kroniekjes in Blauw-Wit ‘de echte Gantoisesfeer’ noemde. Die clubgeest die zovelen onder ons heeft gemaakt tot wie we zijn geworden. Etienne, daarvoor zijn we jou allemaal ongelooflijk dankbaar!

Johan De Vos